Hier worden bijvoorbeeld vacatures geplaatst, of call for papers of andere zaken die interessant zijn voor de leden van de VLG. De Call for Papers (CfP) zijn hier met name geplaatst om de leden van de VLG attent te maken op wat er op dit moment aan het front van de wetenschap op ons terrein gebeurt.
De volgorde is bepaald door de datum van het evenement van dichtbij in de tijd tot verder weg.

Bijeenkomsten / Symposia / Congressen / Call for Papers
- Arbeitskreises für ländliche Hausforschung in Nordwestdeutschland und der Interessengemeinschaft Bauernhaus. Programm der 38. Jahrestagung des „Arbeitskreises für ländliche Haus-forschung in Nordwestdeutschland und der Interessengemeinschaft Bauernhaus e. V.“. Sie findet auf Einladung des Trägervereins Windheim No2 und organisiert von Wolfgang Riesner statt von Freitag 13. bis Sonntag 15. März 2026 im ‚Haus Curia‘ der evangelischen Kirchengemeinde Petershagen-Windheim, Dorfstraße 6, und im Haupthaus Windheim No2 unter dem Thema „Leben und Wohnen der Alten auf dem Land“.
- VHG-Veterinair Historisch Genootschap – voorjaarsbijeenkomst 2026, 8 april. Utrecht: Collegezaal Gezelschapsdieren, Yalelaan 108. Thema: Dierenartsen in overheidsdienst
- Erfgoedhuis Zuid-Holland. Van akker tot archief: sporen van agrarische geschiedenis van Zuid-Holland. 22 juni 2026. Landbouw en veeteelt hebben sporen achtergelaten in de geschiedenis van Zuid-Holland. Wat zijn de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van onderzoek naar plattelands- en agrarische geschiedenis? Welke bronnen zijn hiervoor in het (provinciaal) archief te vinden? En waar liggen kansen voor specifieke vervolgonderzoeken? Over deze bijeenkomst: Zuid-Holland kent een geschiedenis met landbouw en veeteelt. Deze activiteiten hebben eeuwenlang invloed gehad op de vorming en indeling van het landschap, de bouw van molens en boerderijen en de sociaaleconomische geschiedenis. Diverse transities, zoals ruilverkaveling, schaalvergroting en mechanisatie, hebben deze sector in de afgelopen decennia sterk doen veranderen. Dit heeft invloed gehad op de rol van het platteland in de regio en de provincie, maar ook op het landschap en de waardering van agrarische monumenten. Deelname is gratis. Opgave via deze url: https://www.erfgoedhuis-zh.nl/agenda/2026/van-akker-tot-archief/,
- Rural Societies in Transition (19th to 21st Centuries). Archiv für Sozialgeschichte (Friedrich-Ebert-Stiftung), 25 -26 June 2026, Bonn, Germany. In recent years, rural societies have become the focus of media coverage. In France, Germany and the Netherlands, farmers have demonstrated against government agricultural policy, falling prices for agricultural products, neglect of infrastructure and ignorance of the needs of rural populations by driving tractor convoys, setting up road blockades and burning tyres. While rural societies were often romanticised as a harmonious alternative to urban life, they often experienced ongoing conflicts and inequalities in the nineteenth and twentieth centuries. Throughout Europe, rural societies and the lifestyles of people living in the countryside, by the water or in mountainous regions have undergone fundamental changes as a result of modernisation processes in agriculture and constant interaction with urban society and political centres.
- 16th ESSHC (European Social Science History Conference), April 21-24, 2027, Lyon Frankrijk. Thedeadline for paper and session proposals is April 15th, 2026 The conference is organized in networks. The Rural history network is chaired by: Lev Centrih | University of Primorska, Slovenia; Institute of Contemporary History, Ljubljana; Davide Cristoferi | Université libre de Bruxelles, Belgium; and Harm Zwarts | Groningen University.
- The workshop “The History of Agrochemicals and International Development: Knowledge, Politics, and Business, 1940s to the Present” will take place on 6 November 2026 at the European University Institute, Florence, Italy. The goal of this workshop is to explore how agrochemicals have influenced the relationship between scientific knowledge, international development agendas and approaches, and national political priorities in different regions of the world. Furthermore, it aims to investigate the role of business companies and other non-governmental actors in shaping strategies for and against the use of agrochemicals. We invite contributions that analyze how agrochemicals have interacted with human and natural environments in specific localities. We are equally interested in how these interactions have been debated, legitimized, or contested within scientific communities, development organizations, and national and international politics. Applications: Deadline for proposal submission: 16 March 2026
Tentoonstellingen
- Getekend: de Natuur is een tentoonstelling in het Centraal Museum Utrecht, van 11/10/2025 tot 29/3/2026. In een tijd waarin onze relatie met de wereld om ons heen steeds brozer lijkt, nodigt Getekend, de Natuur uit om terug te gaan in de tijd. In deze tentoonstelling wandel je door vier eeuwen geschiedenis waarin de relatie van de mens tot de natuur sterk is veranderd.
- Tot 1 maart 2026 is in het Kunstmuseum Den Haag de tentoonstelling Alles gegeven Jacoba van Heemskerck x Marie Tak van Poortvliet te zien. Zij ontmoeten elkaar op jonge leeftijd in Den Haag. Hun ambitie, idealen en persoonlijke relatie – liefdevol, intellectueel en spiritueel – bewegen zich tegen de grenzen van wat begin twintigste eeuw sociaal aanvaardbaar is. De tentoonstelling geeft daarmee ook inzicht in Van Poortvliet als de pionier van de biologisch-dynamische landbouw in Nederland
- Landscape design with an eye for the future. From November 6, 2025, to April 3, 2026, the WUR Library’s Special Collections presents an exhibition on the work of garden and landscape architect Voorhoeve, comparing his designs with a modern design approach for the Oosterbeek region. Landscape architect Samuel Voorhoeve was a passionate advocate for the preservation of the “natural beauty of the landscape.” This vision was reflected in all his designs for estates, parks, and gardens, as well as in his work on villa parks, avenues, and squares. He saw it as his mission to harmoniously integrate cultural elements into the natural landscape that was already there.
- Op 9 december 2025 is Schokland precies 30 jaar UNESCO Werelderfgoed. Ter gelegenheid van dit jubileum openen Museum Schokland en Het Flevo-landschap samen de tentoonstelling Gestolde Tijd, De tentoonstelling is vanaf 10 december 2025 tot april 2026 te bezoeken in Museum Schokland. In Gestolde Tijd staat het erfgoed en de archeologie van Schokland centraal: wat in de bodem bewaard is gebleven, wat tijdens de drooglegging van de Noordoostpolder aan het licht kwam en hoe deze objecten worden bewaard en beschermd, mede dankzij de nieuwe natuur op Werelderfgoed Schokland. De tentoonstelling opent met een introductie over de Werelderfgoedstatus van Schokland, de plek van het voormalige eiland op de wereldkaart en de betekenis van deze internationale erkenning.
- De landbouwwerktuigenverzameling van Jan Kops is opgenomen door het Fries Landbouwmuseum. De collectie vindt haar oorsprong in het Kabinet van Landbouw, opgericht in 1815 in Amsterdam door Jan Kops. Via het inmiddels opgeheven Museum Historische Landbouwtechniek in Wageningen is de verzameling, mede dankzij de bemiddeling van oud-voorzitter prof. J.W. Hofstee, overgedragen aan het museum in Leeuwarden. Een andere, later vervaardigde modellencollectie van Van Brakel van den Eng bevindt zich in Museum Wageningen.
- In het Bezoekerscentrum Beemster is in januari 2026 officieel een nieuwe Werelderfgoedzaal in gebruik genomen. Bezoekers krijgen hier op een toegankelijke en overzichtelijke manier informatie over de twee UNESCO Werelderfgoederen in de Beemster: de Droogmakerij de Beemster en de Hollandse Waterlinies. Met de opening van de Werelderfgoedzaal wordt een volgende stap gezet in de samenwerking tussen het Bezoekerscentrum Beemster en het Beemstermuseum, die beide zijn gevestigd aan de Middenweg 185 in Middenbeemster. Bezoekinformatie: De Werelderfgoedzaal is tot en met maart geopend op vrijdag en zaterdag van 11.00 tot 14.00 uur. Vanaf april, bij aanvang van het toeristisch seizoen, is de zaal geopend van woensdag tot en met zondag.
- Tentoonstelling Coöperaties je vindt ze overal. Cera-gebouw, Muntstraat 1, 3000 Leuven. In deze expo van Cera en CAG ontdek je hoe mensen zich vroeger én vandaag verenigen om samen te ondernemen en maatschappelijke uitdagingen aan te pakken.
- Grensverlegger Van Houten – Wereldmerk chocolade uit Weesp. Museum Weesp. Museum Weesp brengt dit succesverhaal in beeld met prachtige kleurrijke affiches, bonbondozen en nog veel meer objecten, vaak vormgegeven door toonaangevende kunstenaars. Met Catalogus. Zie ook het verhaal over chocola: productie en consumptie.
Berichten
Zend nu in voor de Arie Keppler Prijs 2026
Stichting MOOI Noord-Holland opent vandaag de inzending voor de Arie Keppler Prijs voor omgevingskwaliteit. Met deze tweejaarlijkse prijs worden bijzondere projecten en beleidsplannen onderscheiden die aantoonbaar bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving in Noord-Holland. Dat gaat over architectuur, stedenbouw, erfgoed, landschap én natuur. Inzenden kan tot en met 1 mei 2026. Projecten die tussen juni 2024 en juni 2026 in de provincie zijn gerealiseerd, komen in aanmerking.
De Arie Keppler Prijs
Om de twee jaar reikt Stichting MOOI Noord-Holland de Arie Keppler Prijs uit en huldigt daarmee personen of organisaties die een uitmuntende prestatie hebben geleverd op het gebied van omgevingskwaliteit in Noord-Holland.
De nominaties worden in de zomer van 2026 bekendgemaakt. De prijswinnaars ontvangen hun erepenning tijdens de feestelijke prijsuitreiking op 18 september 2026.
Beoordelingscriteria
De jury stelt zich ten doel om projecten te nomineren waarvan de initiatiefnemers en ontwerpers in de voetsporen van naamgever Arie Keppler treden. Om de Arie Keppler Prijs te winnen, is een goed ontwerp niet voldoende. Ook maatschappelijk bewustzijn weegt zwaar mee. Daarbij wordt gekeken naar tijdloze thema’s zoals woonkwaliteit, sociale samenhang, een langetermijnvisie en de omgang met cultuurhistorie, maar ook naar actuele opgaven zoals circulariteit, biodiversiteit, klimaatadaptatie en sociale integratie.
Inzenden kan via: https://ariekepplerprijs.nl/. De inzendtermijn sluit op 1 mei 2026.
Uitreiking Sartonmedaille aan prof. dr Yves Segers
Op donderdag 2 april huldigt de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de UGent prof. dr. Yves Segers met de uitreiking van de Sartonmedaille.
De Sartonmedaille wordt toegekend als erkenning voor uitzonderlijke bijdragen aan de geschiedenis van de wetenschap. “Professor Segers ontvangt deze onderscheiding voor zijn invloedrijke werk binnen de rurale en agrarische geschiedenis en de bredere maatschappelijke relevantie daarvan“, klinkt het.
Yves Segers is coördinator van het Interfacultair Centrum Agrarische Geschiedenis (ICAG) aan de KU Leuven, coördinator van erfgoedorganisatie Centrum Agrarische Geschiedenis (CAG vzw), en als hoogleraar Rurale Geschiedenis verbonden aan de Onderzoekseenheid Moderniteit & Samenleving 1800-2000 (MoSa) van de Faculteit Letteren, KU Leuven. Zijn onderzoek richt zich op de sociale en economische geschiedenis van de negentiende en twintigste eeuw, met als hoofdthema’s landbouw en platteland, de ontwikkeling van de voedselketen en eetcultuur. Voor meer informatie, zie hier.
Yves Segers zal die avond de Sartonlezing ‘Who Knows Best? Authority, Mediation and Resistance in Agrarian Knowledge Production and Circulation in Europe, 1800s–2000s‘ verzorgen.
Ben je er graag bij? Registreren kan via de knop hieronder.
Nieuwe landelijke thesaurus voor roerend agrarisch erfgoed
Een zaaiviool, aspergesteker, koeienstofzuiger, kippenbril of werpradrooier (klik hier voor de betekenis) – meer dan 500 historische landbouwwerktuigen en -gereedschappen zijn nu vastgelegd in een nieuwe landelijke thesaurus voor roerend agrarisch erfgoed. Deze terminologiebron ondersteunt collectie-eigenaren en musea bij het duurzaam registreren, digitaliseren en verbinden van agrarische collecties.
De thesaurus biedt een gestandaardiseerde woordenlijst met definities, synoniemen, bronverwijzingen en, waar mogelijk, afbeeldingen en streekgebonden benamingen. Hierdoor kunnen objecten uit verschillende collecties beter met elkaar worden vergeleken en verbonden.
Het project is ontwikkeld binnen het Netwerk Landbouwcollecties, door een samenwerking van Erfgoed Gelderland, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Erfgoedhuis Zuid-Holland, Erfgoed Brabant, Museumfederatie Fryslân, het Fries Landbouwmuseum, het Nederlands Openluchtmuseum en het Centrum Agrarische Geschiedenis Vlaanderen. De thesaurus is bedoeld voor collectiebeheerders, musea en particuliere eigenaren die hun agrarisch erfgoed beter geregistreerd, zichtbaar en toegankelijk willen maken.
De terminologiebron is op internet vrij te raadplegen via erfgoed gelderland; en ook via het termennetwerk, zelf ook weer aangesloten bij: European Research Infrastructure Heritage Science.
Nieuw Netwerk: The Dutch Colonial Environmental History Network
The Dutch Colonial Environmental History Network is an informal group of scholars and researchers in the Netherlands interested in the environmental history of the Dutch colonial period. This network focuses on the historical interactions between the Dutch and their environment, both in the Netherlands and in its colonial territories, and explores the consequences of these interactions.
Preliminary goal of this network: to inform the network members and share information on colonial population/land use/trade/infrastructure data such as old maps, historical records, archives and such, but also exchange Library or Archive contacts through online repositories, workshops, analysis, reports, etc.
Nieuw blog: Geschiedenis van eten, koken en winkelen
Deze blog wordt bijgehouden door de gerenommeerde voedsel-historici Patricia Van den Eeckhout en Peter Scholliers, beide VUB. Gezien voedsel en landbouw steeds meer samen bestudeerd worden, een blog om in de gaten te houden.
Nieuw onderzoek
URBAN-DELTA. Metropolises in the Mud Innovation in Delta Building Technology in Europe and China in the pre-Industrial Age. Leuven KU. Looptijd: 2024-2029. (ERC-project)
Deltas are among the most urbanised and wealthiest regions of the world. Today, their very existence is threatened by climate change. Innovative solutions are urgently needed, and delta cities around the globe have joined forces to confront the climate crisis. The dependence on innovation for their survival is however not a recent phenomenon but has a longer history. Surprisingly, little is known about the specialised skills and knowledge shown by earlier civilisations in constructing and protecting these cities.
URBAN-DELTA hypothesizes that major advances in the history of water-related engineering were not random but occurred at specific places and times. Several pioneering hotspots in the pre-industrial age seem to have existed. Therefore, the aim of URBAN-DELTA is to attain an entirely new, multidisciplinary understanding of technological innovations by tracing and explaining their historical emergence in the production of the built environment in Eurasian deltas before 1800.
This project is the first in-depth comparative study of construction techniques for marshy conditions. It examines three key deltas in Europe and China and questions how builders overcame technological limitations. Did innovation occur incrementally or were there spurts at specific times and places? What were the dynamics of these processes and what factors stimulated innovation?
URBAN-DELTA’s methodological innovation is to study the built environment from a comparative perspective, combining approaches from Engineering, Economic and Architectural History. It tests hypotheses central to the debate on the conditions for innovation by looking at a vital industry, hitherto ignored in scholarship. This will result in a fundamental rethinking of how architecture comes into being and provides an entirely new explanatory framework for future research. In addition, it generates new knowledge that is urgently needed for the preservation of heritage threatened by climate change.
This project is comparing the Rhine-Meuse Delta, the Po Delta and Veneto Basin, and the Yangtze Delta. Here are some more details on the Rhine-Meuse Delta project:
The research focuses on identifying the specific building know-how that was unique to the Low Countries and tracing the development of various techniques used to construct buildings in marshy urban environments. Despite the significance of these advancements, many questions about the specialised building technologies and knowledge developed in this region remain unanswered due to a lack of comprehensive studies. To address this, the research will be structured around four distinctive case studies, each employing different methodologies. The first case study will explore contemporary accounts of Dutch and Flemish building technologies, considering the exchange of technological knowledge by examining the movements and interactions of craftsmen, architects, and engineers within and beyond the Low Countries. The second and third case studies will focus on the analysis of specific techniques used to overcome challenging conditions by enhancing stability or reducing weight, particularly in foundation techniques and lightweight vaults, domes, and roof constructions. The fourth case study will investigate the construction processes, with a focus on the mechanisation of these processes through the use of pumps, drainage devices, sawmills, pile drivers, and other tools. In addition to traditional historical research, the project will integrate methods from the digital humanities, including three-dimensional reconstructions and animations, to provide a more comprehensive understanding of these historical building practices.
The Principal Investigator is Merlijn Hurx (who published in 2012 Architect en aannemer bij Vantilt).
SNSF: Feeding the Earth: Synthetic Fertilizers and the Remaking of Agriculture in the Nineteenth and Twentieth Centuries”
SNSF project “Feeding the Earth: Synthetic Fertilizers and the Remaking of Agriculture in the Nineteenth and Twentieth Centuries”. University of Basel, Switzerland and University of Birmingham, UK. The project “Feeding the Earth” enquires into the spread of synthetic fertilizers and the ways in which it transformed agriculture in the nineteenth and twentieth centuries. The use of synthetic fertilizers exploded over the twentieth century, boosting yields while fostering dependencies, land concentration, soil degradation, and water pollution. Despite their lack of sustainability and resistance from some farmers, synthetic fertilizers continue to dominate agriculture worldwide. As climate change, soil loss, and pollution compel a rethinking of food systems, this research project asks how societies in the past switched between different fertilizing regimes and adapted to changing conditions of agricultural productions. The project investigates the uneven transition from traditional to synthetic fertilizers in northern Europe, South Africa, Turkey, and Morocco, addressing the largely understudied global history of fertilizer adoption.
SNSF: Chemical Crossroads. Agrarian Transitions, Pesticide Controversies and International Governance, 1940s-1970s (Geneva Graduate Institute. Looptijd: 2025-2028)
Synthetische pesticiden die worden gebruikt om plagen zoals insecten, onkruid en schimmels te bestrijden die gewassen aantasten en de opbrengsten verminderen, zijn sinds de Tweede Wereldoorlog in toenemende mate toegepast. Het gebruik ervan is momenteel een omstreden onderwerp, zoals blijkt uit recente politieke en maatschappelijke controverses over een mogelijk verbod op glyfosaat binnen de Europese Unie. Kort gezegd maken veel waarnemers zich zorgen over de negatieve effecten van pesticiden op de gezondheid, de biodiversiteit en de voedselveiligheid, terwijl anderen pleiten voor het gebruik van pesticiden om voedselzekerheid te waarborgen door plagen en epidemische ziekten te bestrijden. Een terugkerend punt in deze debatten is het gebrek aan wetenschappelijke en politieke consensus over de potentiële risico’s en gevaren van het gebruik van pesticiden, waarbij sommige internationale organisaties pleiten voor strengere regelgeving en veel private bedrijven juist de veiligheid en noodzaak ervan benadrukken.
Om de oorsprong van deze debatten te begrijpen, onderzoekt het project Chemical Crossroads de historische rol van gespecialiseerde agentschappen van de Verenigde Naties bij het mobiliseren van wetenschappelijke expertise over de risico’s en voordelen van synthetische pesticiden in de jaren veertig, vijftig en zestig.
De onderzoeksopzet bestaat uit drie deelprojecten, elk gebaseerd op een van drie gespecialiseerde VN-organisaties: de Internationale Arbeidsorganisatie, de Wereldgezondheidsorganisatie en de Voedsel- en Landbouworganisatie. Met de hulp van een postdoc en twee parttime onderzoeksassistenten zal Chemical Crossroads de wetenschappelijke debatten binnen deze organisaties in kaart brengen en deze plaatsen tegen de achtergrond van de geopolitieke, economische, wetenschappelijke en ontwikkelingsgerichte belangen van die periode. Daarnaast zal het project de relaties van deze instellingen met niet-gouvernementele en private actoren analyseren, zoals landbouwvakbonden, boerenorganisaties en commerciële lobbygroepen.
Het project herijkt het lang dominante narratief dat de jaren zestig aanwijst als een keerpunt in de opkomst van milieubewustzijn over de gevaren van het gebruik van landbouwchemicaliën. In plaats daarvan betoogt het dat VN-organisaties al ruim vóór de milieuwending van de jaren zestig bezorgdheid uitten over de arbeids-, voedsel- en gezondheidsrisico’s van pesticidengebruik, maar dat deze zorgen niet noodzakelijkerwijs leidden tot concrete maatregelen om het gebruik van chemische producten in te perken.
Lees ook het interview met Corinna Unger.
Recente promoties (aflopende chronologische volgorde)
Arnoud Jensen (Universiteit Antwerpen, 12 Februari 2026). De titel van zijn proefschrift is: Boeren als rentmeesters: Pacht tussen winst, macht en natuur in de Lage Landen, 1200-1400. Promotoren zijn: Tims Soens (Antwerpen) en Thijs Lambrecht (Gent).
Junhao Cao (Utrecht Universiteit, 25 Februari 2026). De titel van zijn proefschrift is: ‘Property Rights and Agricultural Growth in Northwestern Europe, 1300–1800. Promotoren zijn: Dr Jessica Dijkman enProfessor Bas van Bavel (beide Utrecht Universiteit).
Master thesis
Geen informatie.
Laatst gewijzigd: 6 Maart 2026.
